Hoe Henk steeds uit zijn slof schiet

By 23 februari 2016Blog algemeen

Henk, afdelingsmanager op het gemeentehuis, schiet regelmatig uit zijn slof.  Hij gaat verbaal flink tekeer tegen zijn medewerkers, die daar op verschillende manieren op reageren. Sommigen verzetten zich en anderen zijn meegaand. De sfeer op zijn afdeling is slecht, hetgeen is te merken aan geroddel, veel oordelen en een hoog ziekteverzuim. Op een gegeven moment dient een medewerker een klacht in tegen Henk wegens grensoverschrijdend gedrag (uitschelden). 

We kijken samen met Henk naar zijn gedrag en waardoor dat wordt veroorzaakt.  We zoeken eerst naar de ‘triggers’ die hem uit zijn functionele rol (*) duwen. Welke concrete gedragingen van medewerkers of anderen, maken dat hij uit zijn slof schiet? Hij weet precies wat hem ‘triggert’: medewerkers die hem toezeggingen doen die ze niet nakomen en dat vervolgens met allemaal smoezen recht praten. Hij geeft een hele serie voorbeelden die illustreren hoe vaak dat voorkomt.

In de volgende stap onderzoeken we hoe Henk bij zichzelf merkt dat hij ‘getriggerd’ is.  Dat is lastiger voor hem, omdat hij vaak pas merkt dat hij getriggerd is als hij ontploft. Door te vertragen en ‘de film’ langzaam terug te spoelen, komt hij achter de eerste signalen: sneller bewegen, gebalde vuisten, hese stem, opkomende irritatie.

Vervolgens kijken we wat Henk ziet gebeuren bij medewerkers als hij uit zijn slof schiet. Dit is een moeilijke stap voor Henk, omdat hij op zo’n moment zijn grenzen sluit voor informatie van anderen. Door een rollenspel te spelen, waarbij wij de rol van medewerkers invullen, krijgt Henk een beeld van het effect op anderen als hij getriggerd is. Medewerkers worden door Henks gedrag getriggerd en vallen uit hun functionele rol. Sommigen doen dan alles om Henk gunstig te stemmen, zoals irreële toezeggingen doen of hem in alles gelijk geven.  Anderen gaan hem dwarsbomen door afspraken niet na te komen met een ‘ijzersterk’ verhaal erbij.

Waar Henk achter komt door dit onderzoek is de samenhang tussen zijn eigen gedrag en dat van zijn medewerkers: hij en zijn medewerkers vormen samen een systeem waarin zij niet-functioneel gedrag in stand houden. Het doorbreken van het patroon begint voor Henk bij het herkennen van de triggers en zijn eigen signalen van getriggerd zijn. Door zijn bewustzijn daarop te houden, kan hij gaan meta-communiceren en zijn ervaring benoemen. Hij zegt dan bijvoorbeeld: ik ben geïrriteerd, omdat ik merk dat je je niet aan de afspraak hebt gehouden.  Dit heeft een totaal ander effect op zijn medewerkers dan zijn eerdere ontploffingen. Er wordt ineens functioneel onderhandeld in plaats van gedoken of gevochten.

Op Henks verzoek, organiseren we een bijeenkomst van een dag met zijn hele team. Hierin onderzoeken we de wederzijdse triggers, de vroege signalen van getriggerd zijn, de effecten ervan en de mogelijke oplossingen. Het team maakt daarmee een begin met een systeembenadering van zijn problemen. Henk ontploft minder vaak en de sfeer op zijn afdeling verbetert.

(*) Een functionele rol is een rol die in lijn is met het doel van de betreffende context. In dit geval het doel van de afdeling waar Henk manager van is.

blog overzicht