Vrienden uit je jeugd, die je maar blijven bezoeken

By 18 oktober 2017Blog algemeen

Het team onderzoekt de onderlinge samenwerking en de spanning loopt op. Een van de teamleden geeft aan dat ze niets meer ziet in het onderzoek en dat ze er mee wil stoppen. Als reactie daarop wordt één teamlid boos, één teamlid probeert te sussen en twee teamleden trekken zich (geestelijk) terug. De coach geeft aan dat de aankondiging te willen stoppen een trigger vormt voor vier teamleden om in een (voor ieder verschillende) ‘oude rol’ te schieten. ‘Oude rollen’ zijn hardnekkige gedragspatronen (als reactie op triggers) die ooit functioneel waren, maar inmiddels meer dwarszitten dan helpen. Het zijn vrienden uit je jeugd, die je ontgroeid bent, maar die je blijven bezoeken.

Een oude rol heeft de neiging het ‘stuur’ van je over te nemen, als een oude vriend die wel weet wat goed voor je is, gebaseerd op vroeger tijden. Daardoor vertoon je reactief gedrag dat bepaald wordt door wat ten tijde van het ontstaan van de rol een effectieve strategie was om met ‘almachtige’ ouderen om te gaan, zoals je terugtrekken, je boosheid uitleven of vrede proberen te stichten. Als oude rollen ‘actief’ zijn is het heel lastig om een functionele rol op te nemen. Een functionele rol is een rol die past bij het doel van de context van dat moment. Je zou kunnen zeggen een functionele rol is doen wat nodig is in een context, zoals bijvoorbeeld het teamdoel realiseren.

Het team onderzoekt ieders oude rol in respons op de trigger. De eerste stap in het onderzoek is dat je een vriendelijke naam geeft aan zo’n rol. Dat blijkt lastig omdat we van die oude rollen af willen en ze liever een vervelende naam geven. Door ze een vriendelijke naam te geven, erkennen we dat ze ooit functioneel waren en openen we de mogelijkheid ervan los te komen. Het team is creatief in het vinden van vriendelijke namen: cow girl, vredesstichter, holenbeer, captain safety.

De rollen worden met hun naam als ankerpunt verder onderzocht. Door een rol te onderzoeken neem je er wat afstand van: de ‘vriend’ neemt het stuur minder gemakkelijk van je over als je naar hem kijkt en hem bestudeert.

Een sleutelonderdeel in het onderzoek is het ontdekken van de trigger. Het blijkt dat oude rollen actief worden als er iets gebeurt (trigger) dat lijkt op de oorspronkelijke spanning waar de rol een antwoord op was. De trigger is een wekker voor de oude vriend om wakker te worden en zich ermee te bemoeien. Hij denkt overigens dat hij je zo redt uit een onmogelijke situatie.

Door zicht te krijgen op welk specifiek gedrag je in een oude rol doet belanden, ga je sneller herkennen dat je getriggerd bent en vanuit een oude rol acteert. Je kunt de oude vriend dan tijdig vertellen dat hij nu niet meer nodig is en kan ontspannen!

Een vervelend aspect van oude rollen is het feit dat de output van een oude rol vaak een trigger (input) is voor een oude rol van iemand anders. In het voorbeeld was de persoon die niet meer mee wilde doen zelf in een oude rol terecht gekomen door wat er voorviel (=haar triggerde). Het ‘niet-meer-meedoen’ gedrag dat ze vanuit die oude rol liet zien was weer een trigger voor een oude rol van een aantal anderen in het team, enz.

Door zicht te krijgen op zijn oude rollen, krijgt het team een krachtig instrument in handen om zich verder te ontwikkelen. Door het onderzoeken en daarmee afstand nemen van oude rollen, werden bijna automatisch functionele rollen actief, waardoor het team verder kan gaan met het realiseren van zijn doelen.